Rechtsgeldige overeenkomst door aanbod en aanvaarding, beroep op dwaling faalt

Gedaagden hebben een keuken gekocht bij IKEA. IKEA heeft vervolgens eiser ingeschakeld om de keuken bij gedaagden te monteren. De offerte die eiser hiervoor gestuurd had is ondertekend teruggestuurd door gedaagde. Eiser heeft de keuken vervolgens geplaatst, maar bij de betaling is er discussie ontstaan. Zo betwist gedaagde de rechtsgeldigheid van de overeenkomst en doen ze een beroep op dwaling omdat ze niet wisten dat IKEA eiser zou inschakelen. Ook zouden de goederen beschadigd aangeleverd zijn en hebben ze via een IKEA-voucher recht op 20% korting. De rechter beoordeeld deze punten stuk voor stuk. De rechter oordeelt dat door ondertekening van de offerte het aanbod van Eiser is aanvaard en daarmee een rechtsgeldige overeenkomst tot stand is gekomen. Een beroep op dwaling kan dan ook niet slagen. Over de gebreken die er zouden zijn is niet gebleken dat gedaagden vóór de procedure hierover hebben geprotesteerd. Dit verweer faalt dan ook eveneens. Tot slot merkt de rechter op dat de IKEA-voucher met 20% korten alleen geldig was voor keukens met een aankoopprijs vanaf €2.500,-. De keuken van gedaagden kostte €2.226,89. Gelet op het voorgaande wordt de hoofdsom toegewezen en komen alle kosten voor rekening van gedaagden.

Datum: 6 maart 2015
Rechtbank: Rechtbank Amsterdam
Zaaknummer: 3357375 CV EXPL 14-24515

vonnis

Inzake

de besloten vennootschap Eiser B.V.

gevestigd te 's-Gravenhage en kantoorhoudende te Almere,

eiseres in conventie, verweerster in reconventie

nader te noemen: Eiser

gemachtigde: mr. E.C.Y. Cheung (IntoCash)

tegen

1. Gedaagde 1

2. Gedaagde 2

gedaagden in conventie eisers in reconventie

nader te noemen: Gedaagden

gezamenlijk te noemen gedaagden c.q. eisers in reconventie

gemachtigde: mr. A.W.M.C. Schoenmakers (JAS juridisch advies Schoenmakers)

 

VERLOOP VAN DE PROCEDURE

De volgende processtukken zijn ingediend:

de dagvaarding met producties;

de conclusie van antwoord in conventie tevens houdende conclusie van eis in reconventie van gedaagden met producties.

Op 3 oktober 2014 hebben gedaagden kleurenfoto's ter griffie gedeponeerd.

Daarna is bij tussenvonnis van 10 oktober 2014 bepaald dat schriftelijk diende te worden voortgeprocedeerd.

Vervolgens zijn de volgende processtukken ingediend:

de conclusie van repliek in conventie/antwoord in reconventie van Eiser met producties;

- de conclusie van dupliek in conventie/repliek in reconventie van gedaagden;

de conclusie van dupliek in reconventie van Eiser.

Vervolgens is vonnis bepaald.

 

GRONDEN VAN DE BESLISSING

Feiten

1. Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend of niet (voldoende) weersproken, alsmede op grond van de overgelegde en in zoverre niet bestreden inhoud van de bewijsstukken,staat in dit geding het volgende vast:

1.1.   Op 18 maart 2013 hebben gedaagden voor een bedrag van € 2.226,89 een keuken gekocht bij IKEA.

1.2.   In de brochure Keukenmontageservice van IKEA is het volgende vermeld: " (...) Wij brengen je graag in contact met één van de onafhankelijke keukenmontagepartners bij jou in de buurt. IKEA heeft goede ervaringen met deze zorgvuldig geselecteerde keukenmontagepartners, die jaarlijks door IKEA worden geëvalueerd. Daarom kunnen we een garantie van 5 jaar bieden op de montage van je keuken en de installatie van je IKEA apparatuur (..). " en " Voor het uitvoeren van de IKEA keukenmontageservice worden geen voorrijkosten in rekening gebracht door de keukenmontagepartner. (...)".

1.3.    Bij brief van 22 maart 2013 heeft Eiser aan gedaagden een offerte gezonden voor de montage van de keuken. In de offerte is het volgende opgenomen: "(...) Indien er aanpassingen (maatwerk#) betreffende het monteren van de keuken moeten plaatsvinden, dan berekenen wij u volgens IKEA overeenkomst € 40,00 per uur. (...) Mochten er buiten deze offerte om nog werkzaamheden zullen worden verricht, dan berekenen wij u volgens IKEA overeenkomst € 40,00 per uur. (...) Het totaal van deze offerte zotider de eventuele maatwerkuren bedraagt € 1.472,00. (...)"

1.4.    De offerte is door Van Plateringen ondertekend en teruggezonden aan Eiser, waarbij als opmerking is vermeld "Op 27-3 heb ik telefonisch besproken dat ik een aanbetaling doe van 50%'

1.5.     Op 27 maart 2013 hebben gedaagden een bedrag van € 736,00 aan Eiser aanbe­taald.

1.6.     In april 2013 heeft de plaatsing van de keuken plaatsgevonden.

1.7.      Het opleverformulier is door Gedaagde en de monteur getekend. Op het formu­lier is aangegeven dat niet alle bestelde goederen onbeschadigd aangeleverd en correct gemonteerd zijn. Bij de overige opmerkingen is vermeld: "De fronten van de koelkast zijn er niet! Dit is service ikea ±7/4 uur werk ivm koelkast de/monteren en de 2 handgrepen. Voorts is een (uren)specificatie van het geleverde maatwerk vermeld.

1.8.     Op 30 april 2013 hebben gedaagden een bedrag van € 450,00 aan Eiser voldaan.

1.9.      Bij factuur van 1 mei 2013 heeft Eiser aan gedaagden de werkzaamheden en materialen ad € 1.681,45 in rekening gebracht. De in rekening gebrachte materialen zijn met 21% BTW belast en de arbeid met 6% BTW. Op de factuur is een bedrag van € 100,00 wegens meerwerk, zijnde 2,5 uur a € 40,00 per uur, in rekening gebracht. Een bedrag van € 386,00 resteerde door gedaagden te betalen.

1.10.    Eiser heeft gedaagden vervolgens herhaaldelijk gemaand het restantbedrag te voldoen.

1.11.     Bij e-mail van 21 november 2013 heeft Gedaagde aan Eiser het volgende gemeld: "(...) 1. De 100 euro extra kosten is nooit gecommuniceerd dan wel gefactureerd 2. We hebben 20% korting van Ikea gekregen. Is niet in het overzicht opgenomen. (..)

1.12.    Bij e-mail van 20 maart 2014 heeft Eiser het volgende aan Gedaagde geschreven: "(...) Wij zullen niet eerder een afspraak voor het plaatsen van de frontjes met u maken voordat u onze vordering heeft betaald

Vordering en verweer in conventie

2.   Eiser vordert dat gedaagden bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis hoofdelijk veroordeeld zullen worden tot betaling van:

a.          € 386,00 aan hoofdsom;

b.          € 57,90 aan buitengerechtelijke incassokosten;

c.          € 14,30 aan rente, berekend tot 5 augustus 2014;

d.          rente over € 386,00 vanaf 5 augustus 2014;

e.          de proceskosten.

3.   Eiser stelt hiertoe, samengevat en zakelijk weergegeven, dat gedaagden ondanks aan­maning en sommatie het restant van de factuur van 1 mei 2013 ten bedrage van € 386,00 niet hebben voldaan. Daarom was Eiser genoodzaakt haar vordering uit handen te geven, waardoor zij buitengerechtelijke kosten heeft gemaakt, die voor rekening van gedaagden komen, aldus Eiser.

4.   Gedaagden voeren verweer tegen de vordering. Primair betwisten zij de rechtsgeldig­heid van de onderhavige overeenkomst, omdat deze niet is getekend door de directeur van Eiser. Subsidiair doen zij een beroep op dwaling, omdat zij de keuken hebben gekocht bij IKEA en niet wisten dat IKEA Eiser als derde partij heeft ingeschakeld voor de montage.

5.   Voorts zijn niet alle goederen onbeschadigd aangeleverd en correct gemonteerd door Eiser, zijn de voorrijkosten niet verrekend in de factuur en is een onjuist BTW-tarief toegepast. Zij voeren aan herhaaldelijk bij Eiser op nakoming te hebben aangedrongen. Overigens hebben gedaagden de factuur van 1 mei 2013 niet ontvangen, aldus gedaagden.

6.   Ten slotte hebben gedaagden aangevoerd dat zij op grond van een IKEA-voucher recht hebben op 20% korting op de montagekosten. Daartoe hebben zij een kopie van de voucher in de procedure overgelegd. Op dit voucher is het volgende vermeld: "Tegen inlevering van deze voucher krijg je bij IKEA Amsterdam 20%o korting op onze keukenmontageservice bij je aangekochte FAKTUM keuken vanaf 2500.- (...) Deze actie is alleen geldig bij IKEA Amsterdam van 25 januari t/m 31 maart 2013 als de voucher volledig is ingevuld. (...)" Bij hun conclusie van antwoord hebben gedaagden aangevoerd dat de voucher niet is meegegeven aan de monteur van Eiser, bij dupliek hebben zij aangevoerd dat een kleurenkopie van de voucher aan de monteur is meegegeven.

7.   Eiser heeft betwist dat de overeenkomst niet rechtsgeldig zou zijn of dat er sprake zou zijn van dwaling. Zij betwist dat gedaagden een beroep op opschorting van hun verplichtingen hebben gedaan en hebben aangedrongen op nakoming.

8.   Eiser stelt dat IKEA en niet Eiser verantwoordelijk is voor de levering van de deurfronten. Op verzoek van Eiser heeft IKEA de fronten alsnog aan gedaagden geleverd. Eiser is bereid deze te monteren, nadat gedaagden het restant van de factuur aan haar hebben voldaan.

9.   Gedaagden hebben geen recht op korting. Immers, ook na daartoe alsnog in de gelegenheid te zijn gesteld, hebben zij geen voucher overgelegd. Het bedoelde voucher is overigens slechts beperkt geldig en heeft enkel betrekking op de montagekosten. De voorrijkosten zijn reeds in de factuur verrekend. Het juiste BTW-tarief is gehanteerd.

Vordering en verweer in reconventie

10. Eisers in reconventie vorderen dat Eiser wordt veroordeeld tot nakoming van de overeenkomst, dat wil zeggen tot plaatsing van de frontjes van de keukendeuren, afwerking van het aanrechtblad, het nalopen van de keuken, het vervangen van beschadigde lijsten en herstel van de muurplint. Subsidiair vorderen zij een schadevergoeding van € 600,00.

11. Eiser voert verweer tegen de vordering. Zij heeft primair betwist dat zij niet aan haar verplichtingen uit de overeenkomst heeft voldaan, subsidiair heeft zij zich beroepen op een opschortingsrecht. Bovendien meent zij dat door het verstrijken van de tijd na oplevering niet vast te stellen is of de schade aan de keuken bij de montage is ontstaan. Eiser denkt dat deze is ontstaan door ondeugdelijk gebruik door gedaagden.

Beoordeling in conventie

12. Partijen zijn het allereerst niet eens over de rechtsgeldigheid van de onderhavige overeenkomst. De kantonrechter oordeelt daarover als volgt.

13. Eiser heeft gedaagden bij offerte van 22 maart 2013 een aanbod gedaan terzake van de montage van de IKEA-keuken. Door ondertekening door Van Plateringen en het terug­sturen van de offerte is dit aanbod door gedaagden aanvaard en is de overeenkomst tot standgekomen. Een handtekening van de directeur van Eiser is daarvoor niet vereist. Niet gebleken is dat gedaagden bij de totstandkoming van deze overeenkomst hebben gedwaald door toedoen van Eiser. De offerte was immers duidelijk: deze is opgesteld op papier van Eiser en na het sluiten van de koopovereenkomst tussen gedaagden en IKEA aan hen toegezonden.

14. Overigens is naar het oordeel van de kantonrechter ook IKEA blijkens de door gedaagden zelf overgelegde brochure Keukenmontageservice duidelijk geweest naar gedaagden over het inschakelen van derden voor de montage van de keuken. Dat zij mogelijk niet hebben begrepen dat zij met een derde, Eiser, een overeenkomst zijn aangegaan, komt dan ook voor hun rekening en risico.

15. Het beroep op dwaling kan niet slagen en Eiser is dan ook ontvankelijk in haar vordering.

16. Voorts is aan de orde de vraag of gedaagden gehouden zijn het restant van de factuur van 1 mei 2013 aan Eiser te voldoen.

17. De kantonrechter leest het verweer van gedaagden zo, dat zij een beroep doen op een opschortingsbevoegdheid omdat zij van oordeel zijn dat Eiser haar verplichtingen op grond van de overeenkomst niet (volledig) is nagekomen.

18. Daartoe hebben zij aangevoerd dat de koelkastdeurtjes niet zijn gemonteerd. Nu gebleken is dat deze deurtjes niet door IKEA zijn geleverd, kunnen gedaagden Eiser niet verwijten dat deze niet zijn gemonteerd. Niet gebleken is dat gedaagden IKEA hebben verzocht deze deurtjes alsnog aan te leveren. Blijkens de stukken heeft Eiser ervoor (onverplicht) zorg gedragen dat deze alsnog zijn geleverd en heeft zij zich bereid verklaard de deurtjes alsnog te monteren, na ontvangst van het restantbedrag van de factuur. Dat komt de kantonrechter redelijk voor.

19. Dan komt de kantonrechter toe aan de vraag of gedaagden recht hebben op een korting van 20% op grond van de door hen in dit geding overgelegde voucher. Dit is niet het geval. Immers, gedaagden zijn niet consistent in hun verklaring over de afgifte van deze voucher aan de monteur van Eiser. Niet gebleken is dat gedaagden de voucher vóór 1 april 2013 aan IKEA dan wel Eiser ingevuld hebben afgegeven. Terzijde merkt de kantonrechter op dat de voucher blijkens de tekst enkel geldig was voor keukens met een aankoopprijs vanaf € 2.500,00. De keuken van gedaagden kostte € 2.226,89. De kantonrechter is dan ook van oordeel dat gedaagden geen recht hebben op de bedoelde korting.

20. Voorts heeft Eiser afdoende verklaard hoe de voorrijkosten in de factuur zijn verrekend, zodat ook dit verweer faalt.

21. Niet gebleken is dat er een onjuist BTW-tarief is toegepast. Immers, het verlaagde BTW-tarief van 6% is enkel van toepassing op arbeid, niet op geleverde materialen.

22. Ten slotte hebben gedaagden naar het oordeel van de kantonrechter niet binnen bekwame tijd geprotesteerd bij Eiser over de beweerdelijke gebreken aan de montage. Op het opleverformulier zijn de thans door gedaagden terzake van de montage geuite klachten niet vermeld en niet is komen vast te staan dat gedaagden vóór deze procedure bij Eiser hierover hebben geprotesteerd. Dit verweer faalt dan ook eveneens.

23. Gelet op al het vorenstaande komt gedaagden geen opschortingsrecht toe en zijn zij gehouden het restant van de factuur aan Eiser te voldoen. De gevorderde hoofdsom zal dan ook worden toegewezen. Dit geldt eveneens voor de gevorderde wettelijke rente.

24. De gevorderde buitengerechtelijke kosten zijn eveneens toewijsbaar nu Eiser heeft voldaan aan de vereisten als bedoeld in artikel 6:96 lid 6 BW.

25. Gedaagden worden als de in het ongelijk gestelde partij met de proceskosten belast.

Beoordeling in reconventie

26. Eisers in reconventie hebben ter onderbouwing van hun stelling dat Eiser niet heeft voldaan aan haar verplichtingen uit de overeenkomst een vijftal kleurenkopieën van foto's ter griffie gedeponeerd. Eiser heeft betwist dat zij niet heeft voldaan aan haar verplichtingen uit de overeenkomst en heeft aangevoerd dat er sprake is van ondeugde­lijk gebruik.

27. De kantonrechter oordeelt dat eisers in reconventie hun betwiste vordering onvoldoende hebben onderbouwd. Zo zijn de gedeponeerde stukken onduidelijk en niet voorzien van enige toelichting.

28. Gelet op het vorenstaande zal de vordering dan ook als onvoldoende onderbouwd worden afgewezen.

29. Eisers in reconventie worden als de in het ongelijk gestelde partij met de proceskosten belast.

BESLISSING

De kantonrechter:

in conventie

I.    veroordeelt Gedaagde en Van Plateringen hoofdelijk, des dat de een betalende de ander zal zijn bevrijd, tot betaling aan Eiser van:

€ 386,00 aan hoofdsom, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 5 augustus 2014 tot aan de voldoening^- € 57,90 aan buitengerechtelijke incassokosten; € 14,30 aan rente;

II.  veroordeelt Gedaagde en Van Plateringen hoofdelijk, des dat de een betalende de ander zal zijn bevrijd, in de kosten van het geding, tot op heden aan de zijde van Eiser begroot op:

exploot                                 € 80,78

salaris                                   € 120,00

griffierecht                          € 115,00

totaal                                    € 315,78

voor zover van toepassing, inclusief btw;

III. veroordeelt Gedaagde en Van Plateringen, hoofdelijk, des dat de een betalende de ander zal zijn bevrijd, tot betaling van een bedrag van € 50,00 aan nasalaris, te verhogen met een bedrag van € 68,00 onder de voorwaarde dat betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden en Gedaagde en Van Plateringen niet binnen 14 dagen na aanschrijving vrijwillig aan het vonnis heeft voldaan, een en ander voor zover van toepassing, inclusief btw;

IV.       verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;

V.  wijst het meer of anders gevorderde af;

in reconventie

VI. wijst de vordering af;

VIL veroordeelt Gedaagde en Van Plateringen hoofdelijk, des dat de een betalende de ander zal zijn bevrijd, in de kosten van het geding, tot op heden aan de zijde van Eiser begroot op € 60,00 aan salaris gemachtigde;

VIII.              veroordeelt Gedaagde en Van Plateringen hoofdelijk, des dat de een betalende de ander zal zijn bevrijd, tot betaling van een bedrag van € 15,00 aan nasalaris, te verhogen met een bedrag van € 68,00 onder de voorwaarde dat betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden en Gedaagde en Van Plateringen niet binnen 14 dagen na aanschrijving vrijwillig aan het vonnis heeft voldaan, een en ander voor zover van toepassing, inclusief btw;

IX. verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad.