Schending auteursrecht door foto’s op website

Gedaagden hebben een website met informatie over fotografie en marketingadvies. Op deze website hebben gedaagden zonder toestemming foto's die gemaakt zijn door de eiser geplaatst. Deze publicatie is dan ook verboden en onrechtmatig. Gedaagden zijn dan ook verplicht de schade die eiser hiervan ondervindt te vergoeden. De gedaagden vinden het de gevorderde som niet proportioneel. Ook stellen ze dat ze direct na het ontvangen van het bericht van de eiser de foto's hebben verwijderd en excuses hebben gemaakt. De rechter oordeelt dat gedaagden verplicht zijn de schade die Eiser leidt door de inbreuk op haar auteursrecht te vergoeden. De hoofdsom wordt toegewezen, maar omdat de foto's van de website verwijderd zijn wordt de gevorderde dwangsom afgewezen.

Datum: 20 mei 2011
Rechtbank: Rotterdam, sector Kanton, locatie Rotterdam
Zaaknummer: 1180322 / CV EXPL 10-72871

Vonnis

in de zaak van

Eiser h.o.d.n. Eiser, wonende te, eiser,

gemachtigde: mr. E.C.Y. Cheung te Rotterdam, tegen

de vennootschap onder firma Gedaagde sub 1, gevestigd te Rotterdam, gedaagde sub 1,

namens wie gedaagde sub 2 en sub 3 verschenen zijn,

Gedaagde sub 2, wonende te, gedaagde sub 2,

vennoot van gedaagde sub 1, in persoon,

Gedaagde sub 3, wonende te, gedaagde sub 3,

vennoot van gedaagde sub 1, in persoon.

Eisende partij wordt hierna aangeduid als 'Eiser'. Gedaagden sub 1, 2 en 3 worden tezamen 'gedaagden' genoemd.

Het verloop van het proces

Het verloop van de procedure volgt uit de volgende processtukken, waarvan de kantonrechter kennis heeft genomen:

het exploot van dagvaarding van 2 november 2010, met producties;

het proces-verbaal van het mondelinge antwoord van gedaagden;

het door gedaagden overgelegde schriftelijke verweer, met producties;

het tussenvonnis van 21 december 2010 waarin een comparitie van partijen is bepaald;

het proces-verbaal van de comparitie van partijen gehouden op 4 april 2011.

De uitspraak van het vonnis is bepaald op heden.

De vordering

Eiser heeft - verkort weergegeven - bij dagvaarding gevorderd bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, gedaagden te veroordelen aan haar te betalen een bedrag van € 3.224,90, € 450,00 aan buitengerechtelijke kosten en € 26,69 aan verschenen rente, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 27 oktober 2010, met veroordeling van gedaagden in de kosten van de procedure. Eiser heeft tevens gevorderd een dwangsom op te leggen voor iedere dag dat de foto's niet van de webserver van gedaagden worden gehaald. Ook heeft Eiser een verklaring voor recht gevraagd dat gedaagden inbreuk hebben gemaakt op het auteursrecht van Eiser.

Aan haar vordering heeft Eiser - zakelijk weergegeven en voor zover thans van belang - het volgende ten grondslag gelegd. Gedaagden exploiteren een commerciële website met betrekking tot allround fotografie en marketingadvies. Gedaagden hebben zonder medeweten en zonder toestemming van Eiser een tweetal foto's op deze website geplaatst, waarvan Eiser de maker is in de zin van de auteurswet en daarmee de auteursgerechtigde, zonder bron- en naamsvermelding van Eiser. Eiser vordert het honorarium dat zij had kunnen ontvangen alsmede schadevergoeding nu gedaagden onrechtmatig jegens haar hebben gehandeld. Bij het vaststelling van de gevorderde hoofdsom is aansluiting gezocht bij de Richtprijzen fotografie 2010 en de algemene voorwaarden van de FotografenFederatie. De foto's van Eiser waren beschikbaar voor privédoeleinden en sociale media, niet voor commerciële doeleinden. Eiser is genoodzaakt haar vordering uit handen te geven aan haar gemachtigde, die buitengerechtelijke werkzaamheden heeft verricht. Op grond van de wet zijn gedaagden rente verschuldigd.

Gedaagden bestrijden de vordering. Zij hebben daartoe - verkort weergegeven - het volgende aangevoerd. Gedaagden hebben de foto's inderdaad gebruikt, maar vinden de gevorderde som disproportioneel. De plaatsing van de foto's kan gedaagden niet volledig worden toegerekend. GEDAAGDE SUB 1 is een klein bedrijfje dat zij naast hun vaste banen voeren, ontstaan uit een hobby. De website is vanwege geringe financiële mogelijkheden opgebouwd met behulp van een gratis programma en bij het opbouwen van de website is tijdelijk gebruik gemaakt van afbeeldingen die gedaagden hadden gevonden met behulp van de zoekmachine van Google. Tijdens het opbouwen van de website is geen reclame gemaakt voor de website. Het geringe aantal bezoekers van de website bestond dan ook voornamelijk uit kennissen en familie. Direct na het ontvangen van het bericht van Eiser op 15 juli 2010 hebben zij excuses gemaakt en zijn de foto's onzichtbaar gemaakt voor bezoekers. Gedaagden stellen dat voor hen niet duidelijk was voor welke doeleinden de foto's gebruikt mochten worden. De foto's mogen wel (gratis) gebruikt worden voor sociale media.

De beoordeling van de vordering

Gedaagden hebben de stelling van Eiser, dat zij gebruik hebben gemaakt van de betreffende foto's niet bestreden, zodat dit vaststaat. Daarmee staat ook vast, dat het auteursrecht op de foto's bij Eiser berust. De publicatie van de foto's op de door gedaagden geëxploiteerde website is - ook dit is niet bestreden - geschied zonder toestemming van Eiser en zonder vermelding van haar naam als maker en auteursgerechtigde. Deze publicatie is dan ook verboden en onrechtmatig.

Gedaagden zijn verplicht de schade die Eiser leidt door de inbreuk op haar auteursrecht te vergoeden, voor zover die breuk aan gedaagden kan worden toegerekend. Van toerekenbaarheid is sprake indien de inbreuk te wijten is aan de schuld van gedaagden of aan een oorzaak die krachtens de wet of de in het verkeer geldende opvattingen voor haar rekening komt. Van gedaagden mocht verwacht worden dat zij erop bedacht waren dat op de foto's auteursrecht rustte. Zij behoorden te weten dat zij niet zonder meer foto's van de website van Eiser mochten kopiëren ten behoeve van hun website. Aan toerekening van de schade staat niet in de weg dat Eiser in sommige gevallen gebruik voor sociale media en privédoeleinden toestaat. Dit is niet vergelijkbaar met de commerciële - zij het op beperkte schaal - website die gedaagden exploiteren. Naar het oordeel van de kantonrechter kan aan gedaagden worden toegerekend dat zij de foto's van Eiser zonder toestemming op hun site hebben gebruikt.

Het voorgaande betekent dat gedaagden gehouden zijn de geleden schade te vergoeden. Voor het begroten van de schade wegens het zonder toestemming plaatsen van de foto's wordt aansluiting gezocht bij de vergoeding die Eiser zou hebben bedongen, indien haar toestemming voor het gebruiken van de foto's zou zijn gevraagd. Eiser heeft hieromtrent aangevoerd dat zij in beginsel, rekening houdend met de soort domeinnaam, de duur van het gebruik, de maat van de foto en het niveau waarop de foto's zijn gepubliceerd recht hebben op € 271,00 excl. BTW per foto, derhalve totaal € 542,00. Gedaagden hebben deze berekening van Eiser voor wat betreft de hoogte niet betwist.

Eiser ziet evenwel aanleiding tot een hogere schadeloosstelling dan enkel het gebruikelijke honorarium. De kantonrechter volgt Eiser hierin niet. De algemene voorwaarden van de Fotografenfederatie zijn in beginsel slechts van toepassing op een tussen partijen gesloten overeenkomst. Tussen partijen is geen overeenkomst aangegaan. De algemene voorwaarden kunnen, daar waar de schade niet exact kan worden vastgesteld, dan ook enkel als aanknopingspunt gelden. Onverkorte toepassing van de algemene voorwaarden leidt in de onderhavige kwestie niet tot een redelijk resultaat. De kantonrechter wenst in het onderhavige geval rekening te houden met de navolgende omstandigheden. GEDAAGDE SUB 1 is een opstartend bedrijf waarvan de vennoten betrekkelijk onervaren zijn in de fotobranche. Voldoende is gebleken dat de commerciële activiteiten van GEDAAGDE SUB 1 ten tijde van het plaatsen van de foto's nog zeer beperkt waren. Sprake is geweest van een gering aantal bezoekers en een beperkte inbreuk op de rechten van Eiser. Daarbij weegt mee dat door Eiser niet is weersproken dat de foto's na bericht direct van de website zijn verwijderd en dat excuses zijn gemaakt. Dat de foto's nog enkele tijd toegankelijk zijn geweest via een specifieke link, die een willekeurige bezoeker niet kon kennen leidt niet tot de conclusie dat de schade hoger is. Aan de stelling van Eiser dat de foto's mogelijk nog enkele tijd zichtbaar zijn geweest via Google 'in cache' wordt als onvoldoende onderbouwd voorgegaan nu Eiser van deze stelling geen bewijs heeft overgelegd of aangeboden.

Een en ander leidt tot de conclusie dat de hoofdsom zal worden toegewezen tot een bedrag van € 542,00. De gevorderde verklaring voor recht zal worden toegewezen.

Nu vast staat dat de foto's van de website zijn verwijderd heeft Eiser geen rechtens te respecteren belang meer bij de gevorderde dwangsom. Dit deel van de vordering wordt derhalve afgewezen.

Vaststaat dat gedaagden een betalingsverplichting hadden jegens Eiser en niet aan hun betalingsverplichting hebben voldaan als gevolg waarvan Eiser zich genoodzaakt heeft gezien haar vordering uit handen te geven aan haar gemachtigde. De gemachtigde van Eiser heeft niet alleen aanmaningen verzonden aan gedaagden, maar heeft ook uitgebreid met gedaagden gecorrespondeerd. Eiser heeft derhalve buitengerechtelijke werkzaamheden verricht die voor vergoeding in aanmerking komen. De hieraan verbonden kosten komen mede gezien het bepaalde in artikel 6:96 lid 2 sub c BW voor rekening van gedaagden. De vergoeding van buitengerechtelijke kosten zal worden toegewezen tot het bedrag van € 150,00, dat jegens gedaagden redelijk is, gelet op de toe te wijzen hoofdsom en de tarieven volgens welke zodanige kosten gewoonlijk in rekening worden gebracht.

Nu de vervallen rente is berekend over een te hoog bedrag, zal de gevorderde rente worden toegewezen over € 542,00 vanaf de dag der dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening.

Nu partijen over en weer in het ongelijk zijn gesteld -immers er is een substantieel lager bedrag toegewezen dan gevorderd- zullen de proceskosten worden gecompenseerd in die zin dat beide partijen de eigen kosten dragen.

De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt gedaagden hoofdelijk, des dat de een betalend de ander zal zijn bevrijd, om aan Eiser te betalen € 692,00 aan hoofdsom en buitengerechtelijke kosten, te vermeerderen met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW over e 542,00 bedrag vanaf de dag der dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening;

verklaart voor recht dat GEDAAGDE SUB 1 inbreuk heeft gemaakt op het auteursrecht van Eiser;

compenseert de proceskosten in die zin dat ieder van de partijen de eigen proceskosten draagt;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad en wijst af het méér of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. CJ. Frikkee en uitgesproken ter openbare terechtzitting.