Verrekening VvE bijdrage met schade afgewezen omdat de VvE niet in verzuim is

Als eigenaar van een appartement heeft u te maken met een Vereniging van Eigenaren (VvE). Die hebben als taak het onderhoud van de gemeenschappelijke gedeelten te verzorgen en de gemeenschappelijke belangen van de eigenaars te behartigen. De gedaagde in deze zaak is van rechtswege lid van de VvE. Toch is zij in gebreke met het betalen van de bijdragen hiervoor. De gedaagde zegt dat haar ex-echtgenoot aansprakelijk is voor deze bijdrage, aangezien in de echtscheidingsbeschikking is uitgesproken dat haar ex-echtgenoot de kosten van de echtelijke woning zou dragen. In het geval zij dit toch moet betalen, wilt de gedaagde het verrekenen. De VvE heeft namelijk een lekkage in de woning van Gedaagde herstelt, maar heeft daarbij schade veroorzaakt in de woning van de gedaagde. De rechter oordeelt dat de VvE geen last mag hebben van de afspraken tussen gedaagde of haar ex-echtgenoot over wie de VvE bijdrage betaald. Dat is iets dat tussen de gedaagde en haar ex-echtgenoot speelt. De gedaagde is eigenaar van de woning, en dus verantwoordelijk voor de betaling van die bijdrage. Daarnaast wist de VvE helemaal niets van de schade die ze hebben aangericht en zullen ze stappen ondernemen om de schade te herstellen. Er is dan ook geen sprake van verzuim aan de kant van de VvE en de gedaagde wordt als ongelijke partij veroordeeld in de kosten van de procedure.

Datum: 13 september 2013
Rechtbank: Rotterdam
Zaaknummer: 1414128 \ CV EXPL 13-3016

Vonnis

in de zaak van

de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid Eiser, woonplaats: , eiseres bij exploot van dagvaarding van 10 januari 2013, verweerster in voorwaardelijk reconventie,

gemachtigde: mr. E.C.Y. Cheung,

tegen

Gedaagde, woonplaats: , gedaagde in conventie, eiseres in voorwaardelijke reconventie,

gemachtigde: mr. V.T.E. Kuijpers.

Partijen zullen worden aangeduid als "de VvE" respectievelijk "Gedaagde".

1. Het verloop van de procedure

Het verloop van de procedure volgt uit de volgende processtukken, waarvan de kantonrechter heeft kennisgenomen:

het exploot van dagvaarding;
de conclusie van antwoord, tevens eis in voorwaardelijke reconventie;
de conclusie van repliek, tevens voorwaardelijke conclusie van antwoord in reconventie;
de conclusie van dupliek, tevens voorwaardelijke conclusie van repliek in reconventie;
de voorwaardelijke conclusie van dupliek in reconventie.

De kantonrechter heeft de uitspraak van het vonnis bepaald op heden.

2. Het geschil in conventie

De VvE heeft - na wijziging van eis - gevorderd bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, Gedaagde te veroordelen aan haar te betalen € 1.300,00 aan hoofdsom, 6 190,57 aan buitengerechtelijke kosten en € 45,95 aan verschenen rente.

Aan haar vordering heeft de VvE - zakelijk weergegeven en voor zover thans van belang -het volgende ten grondslag gelegd. Gedaagde is van rechtswege lid van de VvE en derhalve maandelijks eigenarenbijdrage verschuldigd. Zij blijft echter, ondanks aanmaningen daartoe, in gebreke met (tijdige) betaling van de verschuldigde bijdragen.

Gedaagde heeft de vordering betwist en heeft daartoe - kort gezegd - aangevoerd dat niet zij maar haar ex-echtgenoot aansprakelijk is voor de betaling van de eigenarenbijdrage. In de echtscheidingsbeschikking die tussen Gedaagde en haar ex-echtgenoot is uitgesproken is opgenomen dat haar ex-echtgenoot de kosten van de echtelijke woning zou dragen.

3. Het geschil in (voorwaardelijke) reconventie

De voorwaardelijke reconventie is ingesteld voor het geval komt vast te staan dat Gedaagde gehouden is om de vordering van de VvE te voldoen. Zij wenst dan te komen tot verrekening. Gedaagde heeft - kort gezegd - gevorderd de VvE te veroordelen tot betaling van de kosten voor herstel van de schade aan de woning van Gedaagde. Hieraan heeft zij ten grondslag gelegd dat de VvE tot herstel van een lekkage in de woning van Gedaagde is overgegaan, maar dat de VvE daarbij schade heeft veroorzaakt in de woning van Gedaagde.

De VvE heeft de vordering betwist. Hetgeen zij daartoe heeft aangevoerd komt - voor zover van belang - onder de beoordeling aan de orde.

4. De beoordeling in conventie en in (voorwaardelijke) reconventie

Allereerst staat ter beoordeling of Gedaagde aansprakelijk is voor de betaling van de in deze zaak aan de orde zijnde eigenarenbijdragen. Vast staat dat Gedaagde (mede) eigenaar is van de woning aan de , zij is ook woonachtig in de woning. In die hoedanigheid is zij van rechtswege lid van de VvE en derhalve maandelijks eigenarenbijdrage verschuldigd. Dat zij met haar ex-echtgenoot afspraken heeft gemaakt over wie van hen uiteindelijk verantwoordelijk is voor betaling van die bijdragen, kan niet aan de VvE worden tegengeworpen. Dat is iets dat tussen Gedaagde en haar ex-echtgenoot speelt.

Uit het voorgaande volgt dat Gedaagde aansprakelijk is voor betaling van de eigenarenbijdrage. Gedaagde heeft de hoogte van de ontstane achterstand onvoldoende gemotiveerd betwist. De VvE heeft voldoende inzichtelijk gemaakt welke termijnen nog open staan, waarna Gedaagde niets heeft gesteld of in het geding heeft gebracht op basis waarvan geconcludeerd moet worden dat dit niet juist is.

Een en ander betekent dat de in conventie gevorderde hoofdsom ad € 1.300,00 toewijsbaar is.

Uit de stukken blijkt dat voldoende werkzaamheden zijn verricht met een op de zaak toegesneden karakter. Het gevorderde bedrag is - gelet op de daarvoor gebruikelijk gehanteerde tarieven - niet onredelijk jegens Gedaagde.

Gedaagde heeft geen afzonderlijk verweer gevoerd tegen de vordering tot betaling van de verschenen wettelijke rente ad € 45,95. Ook dit onderdeel van de vordering wordt toegewezen.

Aangezien de in conventie gevorderde hoofdsom zal worden toegewezen, dient de kantonrechter nog te beoordelen of de voorwaardelijk ingestelde reconventionele vordering toewijsbaar is.

De VvE heeft betwist eerder dan na dagvaarding (om precies te zijn op 23 januari 2013) op de hoogte te zijn geweest van de schade in de woning van Gedaagde. Het enige dat Gedaagde daar tegenover heeft gesteld is dat zij de VvE 'al in januari 2013' van de schade op de hoogte heeft gebracht. Dit terwijl de dagvaarding op 10 januari 2013 is betekend tegen de zitting van 23 januari 2013. De zinsnede 'al in januari 2013' betekent dus niet dat het voor dagvaarding is gebeurd en is bovendien in lijn met hetgeen de VvE in dit verband heeft gesteld. De VvE heeft inmiddels stappen ondernomen om de schade te herstellen. Vooralsnog is de VvE dan ook niet in verzuim komen te verkeren, zulks is ook niet gesteld. De vordering in reconventie wordt gelet op het voorgaande afgewezen.

Gedaagde zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van zowel de procedure in conventie als die in reconventie. De door de VvE gevorderde informatiekosten worden gematigd tot € 1,63, verhoogd met de meegevorderde BTW tot € 1,97, gezien de aanbeveling van het LOVCK van 22 april 2013 en het besluit van het LOVCK van 17 juni 2013.

5. De beslissing

De kantonrechter:

in conventie

veroordeelt Gedaagde om aan de VvE tegen kwijting te betalen € 1.536,52, vermeerderd met de wettelijke rente over € 1.300,00 vanaf 22 mei 2013 tot aan de dag van algehele voldoening;

in reconventie

wijst de vordering af;

in conventie en in reconventie

veroordeelt Gedaagde in de proceskosten, tot aan deze uitspraak aan de zijde van de VvE vastgesteld op € 542,79 aan verschotten en € 450,00 aan salaris voor de gemachtigde;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad en wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.P.A.M. Fruytier en uitgesproken ter openbare terechtzitting.